De Profeet ﷺ zei: “Degenen die onrechtmatig een stuk grond ter grootte van een handbreedte van een ander neemt, zal deze grond met zijn zeven aardlagen om zijn nek dragen (op de dag des oordeels).” Sahieh Al-Bukhaari 2453
De Profeet ﷺ zei: “Er is geen enkel jaar zonder dat het jaar dat daarna komt slechter is dan dat jaar, (en dit) totdat jullie, jullie Heer ontmoeten.” At-Tirmidhie 2206
De Profeet ﷺ zei tegen Jibriel: “Waarom zie ik Mikaaiel nooit lachen?” Hij antwoordde: “Mikaiel heeft niet meer gelachen sinds dat de Hel is geschapen.” As-Sahiehah 2511
De Profeet ﷺ zei: “Degene die twee meisjes grootbrengt totdat ze de volwassenheid bereiken, hij en ik zullen samen komen op de Dag des Oordeels.” En vervolgens hield hij zijn twee vingers samen. Sahieh Muslim 2631
De Profeet ﷺ zei: “Iedere persoon zal op de Dag des Oordeels onder de schaduw van zijn sadaqah zijn totdat er over de mensen is geoordeeld.” Sahieh Al-Jaami’ 4510
De Profeet ﷺ zei: “Toen ik de nachtelijke reis verrichte kwam ik voorbij mensen die koperen (metalen) nagels hadden en over hun gezichten en borsten krabden. Ik zei: “Wie zijn deze mensen o Jibriel?” Hij zei: “Zij zijn degenen die het vlees van de mensen eten (roddelen) en hun eer…
Jaabir رضي الله عنه zei: “We waren met de Boodschapper van Allah ﷺ toen Hij naar de maan keek en zei: “Jullie zullen jullie Heer zien net zoals jullie deze maan zien.” Sahieh Al-Bukhaari 554
De Profeet ﷺ zei: “Een man zei: “Bij Allah, Allah zal die en die niet vergeven,” waarop Allah zei: “Wie is degene die bij Mij zweert dat ik die en die niet zal vergeven? Ik heb die en die vergeven en Ik heb jouw daden nietig gemaakt.” Sahieh Muslim 2621
De Profeet ﷺ zei: “Een plek in het Paradijs ter grootte van een zweep is beter dan heel de wereld en wat zich erin bevindt.” Sahieh Al-Bukhaari 3250
De Profeet ﷺ zei: “Bij Allah, deze wereld in vergelijking met het Hiernamaals is gelijk aan datgene wat iemand van jullie krijgt als hij zijn vinger in de oceaan dompelt, laat hem kijken naar datgene wat hij terugbrengt (een druppeltje).” At-Tirmidhie 2323
